> dcolumn.php?nr=52954&stuurdoor

Column

 
 
2 maart 2021

De schoonmoeder van Petrus

Al eeuwenlang worden er grapjes gemaakt over schoonmoeders. Het gaat nooit over een bepaalde persoon, maar over een type, waar we in ons denken eigenschappen aan hebben gehangen. We weten allemaal dat het niet klopt. – Ik weet het zeker, mijn schoonmoeder is een bijzonder lieve vrouw. – Toch is het iets wat we allemaal doen.


Lang geleden in de tweede eeuw voor Christus, was er een schrijver met de naam Terentius. Hij schreef komedies, toneelstukken die je kunt vergelijken met onze klucht. Hij heeft een toneelstuk geschreven met de titel ‘De schoonmoeder’. Deze vrouw krijgt de schuld van het stuklopen van een huwelijk en na heel veel verwarring blijkt dat ze er niets aan kon doen.


In het eerste hoofdstuk van Marcus staat iets over de schoonmoeder van Petrus. Heel kort maar. Als Jezus een aantal leerlingen heeft geroepen gaat hij op weg. In Kafarnaum in de synagoge zien we hem als leraar en hij drijft geesten uit. Als ze dan weer weggaan staat er:
Toen ze uit de synagoge kwamen, gingen ze rechtstreeks naar het huis van Simon en Andreas, samen met Jakobus en Johannes. 30 Simons schoonmoeder lag met koorts in bed, en ze spraken met Jezus over haar. 31 Hij ging naar haar toe, pakte haar hand vast en hielp haar overeind. Toen verliet de koorts haar, en ze begon voor hen te zorgen.
De Nieuwe Bijbelvertaling (Nederlands Bijbelgenootschap, 2004), Mc 1:29–31.


Het is toch wel heel bijzonder. Hier wordt een detail verteld, die een inkijkje geeft in het leven van Jezus en zijn leerlingen. Dat hier de schoonmoeder van Simon, later Petrus, wordt genoemd. Het verwijst naar iets wat werkelijk gebeurd is, moet je bijna wel denken. Het is een liefdevol verhaal, vol zorg voor elkaar. Het laat ook zien, dat de leerlingen van Jezus wel alles loslaten, maar toch nog verbonden zijn met de mensen met wie ze leven. Ze staan niet overal buiten.


Wat ook bijzonder is, is de manier waarop de zin is geschreven. Er wordt verteld dat de schrijver Marcus veel met Petrus heeft gesproken. Dat Petrus de bron is voor wat hij over Jezus schrijft. Dat is een heel directe verbinding met iemand die naast Jezus heeft gelopen.
Stel je voor dat Petrus deze gebeurtenis aan Marcus vertelt, dan zegt hij iets als: “Ik ging naar ons huis, het huis van mij en Andreas, samen met Jakobus en Johannes.” Marcus heeft deze zin letterlijk overgenomen alsof iemand dat in de ik-persoon vertelt, maar Marcus moest er natuurlijk een zin in de derde persoon meervoud van maken (zij). Het was veel logischer geweest als Jakobus en Johannes ook in dat ‘zij’ waren opgenomen vanuit het gezichtspunt van de verteller. Zij, Jezus, Simon, Andreas, Jakobus en Johannes gingen naar …”. 


Heel mooi is ook zo te ontdekken dat de geschreven verhalen gebaseerd zijn op vertelde verhalen. Ze waren ook niet bedoeld om te lezen, maar om elkaar te vertellen in de bijeenkomsten van de gemeente. Het gaf verbinding, helemaal als je onder elkaar een verhaal kunt vertellen over de schoonmoeder van Petrus. Ja die Petrus die deel was van onze gemeente in Rome. En ja, hij heeft Jezus gekend!


Voor meer zie het overzicht

 
Meer informatie Facebook   ANBI-register Doopsgezinde Gemeente De Lytse Streek
contact maandblad privacy
routebeschrijving nieuwsbrief disclaimer
veelgestelde vragen inloggen colofon
2021 Doopsgezind.nl